Methodiek
© Noëlle Verhage, HZ Kenniscentrum Kusttoerisme
Een drieledig onderzoek
Om bij te dragen aan de toekomstbestendigheid van de logiessector is een drieledig onderzoek uitgevoerd. We zijn gestart met een inventarisatie van de vraagstukken die in de logiessector spelen. Deze vraagstukken kunnen ook wel worden gezien als obstakels voor een toekomstbestendig logiesbedrijf. Ze zitten toekomstbestendigheid dus in de weg. Tijdens de Kennisupdate LIVE 2025 zijn actuele vraagstukken bij ca. 75 belanghebbenden (ondernemers, beleidsadviseurs recreatie & toerisme, marketeers e.d.) in het vrijetijdsdomein geïnventariseerd. Op basis van deze input zijn acht actuele vraagstukken geselecteerd: optimalisatie van ruimtegebruik, financieringsmogelijkheden, kostenoptimalisatie, onderscheidend vermogen, klimaatadaptatie, aanpak netcongestie, werven en behouden personeel en het creëren van draagvlak voor de onderneming.
Ten tweede is een methodiek ontwikkeld voor logiesondernemers waarmee het bedrijfsmodel eerst in kaart kan worden gebracht en vervolgens stapsgewijs toekomstbestendiger kan worden gemaakt. De tool die hiervoor als basis geldt is het Business Model Canvas van Osterwalder en Pigneur (2010). Voor dit onderzoek is een basis bedrijfsmodel opgesteld. Daarbij is gebruik gemaakt van het Business Model Canvas, de factoren voor toekomstbestendigheid van het World Economic Forum, brainstormsessies met partijen uit het Zeeuwse vrijetijdsdomein en onze eigen kennis en ervaring. Het model laat zien aan welke aspecten gewerkt kan worden om een logiesbedrijf toekomstbestendiger te maken. Dit model noemen we 'het toekomstbestendigheidsmodel' en is een waardevolle tool voor ondernemers. Door het canvas zelf in te vullen voor de eigen bedrijfsvoering worden alle aspecten van de bedrijfsvoering zichtbaar en worden relaties tussen de verschillende bedrijfsonderdelen inzichtelijk gemaakt. Vervolgens kan gekeken worden naar het toekomstbestendigheidsmodel om factoren te identificeren waaraan gewerkt kan worden om de toekomstbestendigheid te vergroten. Het tweede deel van het onderzoek eindigt met een manier om daadwerkelijk met deze aspecten aan de slag te gaan.
Een manier waarop dit kan is door aan de slag te gaan met de uitdagingen die toekomstbestendigheid in de weg zitten. Om hierbij te ondersteunen en om te inspireren zijn daarom, als derde deel van dit onderzoek, voor de acht vraagstukken een aantal 'best practices' in kaart gebracht waarmee logiesondernemers kunnen inspelen op de uitdagingen waar zij tegenaan lopen. Hierbij is gekeken naar inspirerende voorbeelden in Zeeland, maar ook daarbuiten, binnen en buiten de logiessector. Voor elk vraagstuk zijn minimaal acht inspirerende voorbeelden beschreven. Hierbij wordt telkens ingegaan op hoe een voorbeeld bijdraagt aan een oplossing van het vraagstuk. Ter verdieping wordt per vraagstuk ook tenminste één best practice nog verder uitgewerkt. Voor deze best practices is een stappenplan opgesteld waarin beschreven staat wat er nodig is om het voorbeeld zelf toe te passen binnen het bedrijf. De selectie van de best practices is onder meer gemaakt op basis van de (organisatorische en financiële) toepasbaarheid voor de verschillende typen ondernemers binnen de Zeeuwse logiessector, de mogelijkheid tot implementatie op korte termijn en de mate waarin een best practice zelfstandig uitvoerbaar is, waarbij met name gekeken is naar de planologische implicaties.

© Leeloo, Pexels
Inventarisatie vraagstukken
Actuele vraagstukken zijn geïnventariseerd bij actoren en belanghebbenden in de logiessectoren. Klik op onderstaande knop om de geselecteerde vraagstukken te bekijken.
Focus van het onderzoek
Niet alleen in de logiessector, maar in een (groot deel van) de gehele vrijetijdssector staat de toekomstbestendigheid in meer of mindere mate onder druk. Toch is er in dit onderzoek gekozen voor focus op de logiessector. Hierdoor kon er gerichter onderzoek worden gedaan. Hoewel het bedrijfsmodel van logiesbedrijven onderling kan verschillen, denk aan het contrast tussen het bedrijfsmodel van een hotel en minicamping, is het mogelijk om algemene uitspraken te doen over de toepasbaarheid van de best practices. Dergelijke uitspraken worden aanzienlijk complexer wanneer ook andere typen bedrijven, zoals horecabedrijven en dagrecreatieve bedrijven, worden meegenomen. Tegelijkertijd is het belangrijk om te benadrukken dat de gevonden best practices grotendeels wel breder toepasbaar zijn dan enkel de logiessector. Dus ondanks dat de toepasbaarheid voor bedrijven in andere sectoren niet expliciet is onderzocht, zijn de meeste best practices wel toepasbaar binnen de gehele vrijetijdssector.
Klik hier voor een volledig overzicht van alle geraadpleegde bronnen.

